Maco

Maco Customs Service: brokerage, software & consultancy

ICT Transacties

Printvriendelijke versie
Bestemmingslandbeginsel
 
De BTW moet toekomen aan de fiscus van het land waar de goederen worden gekocht c.q. geconsumeerd door een consument. Dit heet het bestemmingslandbeginsel.  Het heeft grote consequenties voor de verrekening van de BTW bij transacties tussen lidtstaten in de EU. Tot 1992 werd de BTW bij transacties tussen EU-lidstaten afgewikkeld aan de hand van douaneaangiftes aan de Europese binnengrenzen.  Vanaf 1 januari 1993 zijn de binnengrenzen voor de douane en de BTW afgeschaft en moest er dus ook voor een ander BTW systeem worden gekozen. Dit is het systeem met de Intra Communautaire Transacties geworden.  Aanvankelijk was het systeem bedoeld voor een overgangsperiode van 4 jaar, maar inmiddels is het al meer dan twee decennia in gebruik.  Het systeem is gecompliceerd en zeer fraudegevoelig.
 
Intra Communautaire Transacties.
 
Bekijk in onderstaande video hoe ICT werken:

Als goederen van de ene lidstaat van de EU naar een andere worden verkocht heet dat een 'Intra Communautaire Transactie' (ICT). De ondernemer die de goederen levert doet een 'Intra Communautaire Levering' (ICL). De ondernemer die de goederen koopt doet een 'Intra Communautaire Verwerving' (ICV). Een ICT bestaat dus uit een ICL en een ICV. De woorden export en import zijn in de douane- en BTW-wereld gereserveerd voor transacties met landen buiten de Europese Unie. Dus als een Duitse onderneming een goed aan een Russische onderneming verkoopt spreken we van export. Als een Amerikaan iets aan een Belg verkoopt spreken we van import. Maar als een Duitser iets aan een Nederlander verkoopt spreken we van een Intra Communautiare Transactie.

 
VAT Information Exchange System (VIES)
 
Als een Duitse onderneming A goederen verkoopt aan een Belgische ondernemer B, hoeft hij geen BTW te berekenen. De verwerving van de goederen in België is echter wel belast. De Belgische onderneming moet nu de BTW over de goederen opvoeren in zijn BTW-aangifte. Hierover is belasting verschuldigd. In dezelfde aangifte kan deze BTW echter ook weer afgetrokken worden. Bij Intra Communautaire Transacties is dus ook sprake van een verleggingregel. De BTW(-heffing) wordt verlegd naar de boekhouding van de koper die de BTW moet opvoeren en direct weer mag aftrekken. Hierdoor ontstaat de situatie dat binnenlandse verkopen wél belast zijn met BTW en verkopen aan ondernemers in andere lidstaten niet. De verlegging van BTW bij invoer wordt nauwgezet geadministreerd bij de aangifte ten invoer. De fiscus kan dit eenvoudig controleren. De fiscus wil echter ook toezicht houden op ICT's. Want juist omdat er géén BTW hoeft te worden gerekend zijn ze fraudegevoelig. Daarom moet op verkoopfacturen aan ondernemers in andere lidstaten altijd het BTW-nummer van zowel de verkoper als de koper vermeld staan. Daarnaast moet de verkoper elk kwartaal een lijst maken van de verkopen aan ondernemers in andere lidstaten, de zogenaamde listing. In de listing hoeft alleen het BTW-nummer van de koper en het bedrag van de totale ICL's in dat kwartaal opgesomd te worden. Als tegenhanger, moet de koper van goederen aan zijn fiscus de Intra Communautaire Verwervingen melden uit andere EU-lidstaten in zijn aangifte Omzetbelasting en Intrastat raportage.
 
Om nu als overheid controle te kunnen uitoefenen op de Europese goederenstromen is het VAT Information Exchange System (VIES) in het leven geroepen. Binnen het VIES kunnen alle transactiegegevens van alle ondernemingen van alle lidstaten geanalyseerd worden. Echter omdat die gegevens zo algemeen zijn is het onmogelijk om zonder nader onderzoek vast te stellen of alle transacties ook goed worden gemeld door zowel de verkoper als de koper. Het Europese BTW-systeem is dan ook zonder meer zeer fraudegevoelig. Er gaan op papier enorme geldbedragen in om die nauwelijks gecontroleerd kunnen worden. Een van de eisen die de fiscus stelt aan ondernemers die goederen verkopen aan afnemers in andere lidstaten, is dat vóóraf het BTW-nummer van de koper wordt gecontroleerd. Op een speciale EU-website kan elk BTW-nummer dat is afgegeven in de EU worden gecontroleerd of het geldig is of niet. Het controleverslag van het BTW-nummer dient zorgvuldig bewaard te worden in de BTW-administratie.
 
Bewijs van levering
 
De verkoper moet ook kunnen aantonen dat de goederen daadwerkelijk geleverd zijn en dus België hebben verlaten. Dit dient aan de hand van het geheel van boeken en bescheiden te worden aangetoond.  Dit kan door middel van een voor ontvangst afgetekende vrachtbrief (CMR), betalingsbewijzen, correspondentie, contracten etc.
 
Afhaaltransacties
 
In de praktijk komen veel kopers gekochte goederen vaak zelf afhalen. Als die dan ook nog contant betaald worden, dan spreken we van afhaaltransacties in de zin van de BTW.   Dit zijn extra risicovolle transacties vanuit het perspectief van de Europese BTW. Bij afhaaltransacties mag het 0% BTW-tarief slechts worden toegepast als er zorgvuldig gehandeld is. Er moet vertrouwen bestaan tussen koper en verkoper, bij voorbeeld door een bestaande handelsrelatie; het BTW-nummer moet worden gecontroleerd; er moeten afspraken gemaakt worden dat de CMR, in het land waar de koper volgens de factuur voor de BTW  is geïdentificeerd, voor ontvangst wordt getekend en retour wordt gezonden. Als extra hulpmiddel heeft de Nederlandse fiscus via Mededeling 38 een zogenaamde Afhaalverklaring ontwikkeld, die door de chauffeur bij dit soort transacties moet worden getekend. Hierin verklaart de afhaler dat de goederen naar het land van de koper die op de factuur staat, worden getransporteerd. Er wordt geadviseerd om een kopie van het paspoort van de afhalende chauffeur in het dossier van boeken en bescheiden te bewaren.

Distributie met GFV

Distributie met GFV maakt het transport flexibel en efficient.

» Lees verder

Hoe werkt de BTW

Kijk naar de animatie over: Hoe werkt de BTW?

» Lees verder