Maco

Maco Customs Service: brokerage, software & consultancy

Hoe werkt douaneopslag?

Printvriendelijke versie

De douane vraagt niet waarom goederen in douaneopslag gaan. Goederen worden  opgeslagen in een entrepot indien de koper of de definitieve bestemming nog niet bekend is. Immers éénmaal betaalde douanerechten worden normaal gesproken niet terugbetaald. Door de goederen onder douaneverband op te slaan kunnen bedrijven besparen op douanerechten.  Iedereen is vrij om zijn goederen om welke reden dan ook onder douaneverband op te slaan. De douane wil wel bij een vermissing precies weten welke goederen er vermist worden en hoeveel invoerrechten er dan verschuldigd zijn. Daarom moet over alle goederen die onder douaneverband worden opgeslagen, specifiek administratie gevoerd worden.

Als het gaat om een specifieke machine die opgeslagen wordt is dat niet zo moeilijk. Je kunt dan zelfs een  individuele opslagaangifte maken, waarbij je bij de aangifte een eenmalige specifieke toestemming krijgt van de douane om de goederen op te slaan. Dit heet in douanejargon een opslag entrepot type B. In het algemeen is hier dan een termijn aan gebonden, maar die kan verlengd worden. In theorie is opslag voor onbepaalde tijd mogelijk.

Bij een vergunning voor douaneopslag wordt ook altijd vastgelegd op welke plaats die vergunning van toepassing is. Dus de loods en exacte  locatie waar de goederen worden opgeslagen wordt precies aangewezen. Vaak wordt er zelfs een plattegrond toegevoegd aan de vergunning. Het hoeft niet zo te zijn dat de loods afgesloten moet worden. Door de goederen specifiek op te nemen in de vergunning is verwisseling toch niet mogelijk. Zo kan het identificatienummer van de machine in de aangifte worden opgenomen.

Als er veel verschillende goederen worden opgenomen, is opslag op een aangifte in een entrepot type B geen optie meer. De opslag dient dan plaats te vinden aan de hand van een goederenadministratie. De douane stelt hieraan strenge eisen. De  aanvraag voor een entrepotvergunning is niet eenvoudig. De douane beoordeelt het automatiseringssysteem, maar ook de organisatie van het bedrijf. Hierbij kijkt ze er bijvoorbeeld naar of er voldoende functiescheiding is. Zo mag iemand die goederen ten invoer aftekent niet ook nog verantwoordelijk zijn of toegang hebben tot de voorraadadministratie. Als een onderneming fraude zou willen plegen zijn er dan altijd twee personen nodig om dat te doen en samenspanning is een hoge fraudedrempel. Tegenwoordig wil de douane het liefst dat een houder van een entrepotvergunning meteen als Authorised Economic Operator (AEO) certificeert. Bij deze min of meer gestandaardiseerde certificering is de douane er zeker genoeg van dat aan alle voorwaarden wordt voldaan.

Maar in die voorraadadministratie van het entrepot dienen alle goederen specifiek opgenomen worden, zodat de douane o.a. het soort goed (HS-code), de waarde en de oorsprong kan gebruiken om een eventuele naheffing zonder discussie vast te stellen. Dat stelt hoge eisen aan de administratie. Daar staat dan tegenover dat de douane een grote mate aan flexibiliteit in de opslag toestaat. Zo zijn er vergunningen mogelijk waarbij vrije en douanegoederen door elkaar mogen worden opgeslagen. Ook kunnen vergunningen worden verleend voor meerdere locaties, die dus fictief als één entrepot worden beschouwd. Er zijn ook grensoverschrijdende entrepotvergunningen voor meerdere lidstaten mogelijk.

Een kenmerk van een entrepot is dat er veel in- en uitslagen kunnen plaatsvinden. Daarom kan een vergunning douane-entrepot gecombineerd worden met allerlei andere vergunningen die de in- en uitslag vereenvoudigen, mits alles maar geautomatiseerd wordt vastgelegd. Zo kan het vervoer binnen de haven plaatsvinden met een opslagdocument. Indien er maandelijks veel uitslagen uit het entrepot plaatsvinden van goederen die ten invoer aangegeven dienen te worden kan in overleg met de douane gebruik worden gemaakt van een geautomatiseerde maandaangifte invoer.

De douane eist wel altijd een zekerheid van de entrepositaris, de vergunninghouder, voor de eventueel verschuldigde rechten bij invoer indien er sprake is van vermissing. Die zekerheid wordt berekend aan de hand van de mogelijk totaal verschuldigde belastingen over alle opgeslagen goederen. Maar die zekerheid kan worden gematigd tot 5%. Als er sprake is van een AEO-gecertificeerde onderneming kan de douane zelfs van een borgstelling afzien.

Oorsprong-invoer

Uit welk land de goederen van oorsprong zijn is van belang voor de vraag of er invoerrechten moet...

» Lees verder

Land van oorsprong

Het land van oorsprong is bepalend voor de vaststelling van de invoerrechten.

» Lees verder